Minder zakgeld- en factuurfederalisme. Meer autonomie en responsabilisering.

Door Sander Loones op 4 februari 2020, over deze onderwerpen: 2/ Fiscaliteit - begroting

Lees en bekijk hier mijn tussenkomst die ik op 30.01.2020 in de Kamer van Volksvertegenwoordigers heb gehouden over de tweede aanpassing van de financiewet - begrotingsjaar 2019.


 

Een bijzonder belangrijk wetsontwerp. Hoe zorgen we ervoor dat de deelstaten voldoende centen hebben om beleid te voeren rond onderwijs, welzijn, openbare werken, landbouw, natuur …

Hoe werkt dat vandaag? Vandaag betalen we belastingen aan de federale overheid. Die belastingen worden dan verdeeld. Vlaanderen, Wallonië, Brussel krijgen dan dotaties. Zij hebben zelf maar een heel beperkte eigen fiscale autonomie.

Het doet me altijd denken aan het zakgeld dat ik kreeg, als klein kind. 20 frank. Was dat plezant? Ja. Zaterdag, na de scouts ging ik er snoep mee kopen in het winkeltje van Marie-Rose.

Maar de waarde van geld leerde ik pas echt kennen toen ik 10 jaar werd. Ik sloot toen mijn eerste contractje, met mijn vader. Om zijn auto te wassen, voor 100 frank. Loon naar werken. Beloond worden voor een eerlijke inspanning.

Het zijn mooie en logische principes. Wie werkt, moet rechtstreeks beloond worden. En moet de vruchten van zijn inspanningen zelf kunnen plukken. Net op die twee punten zit de Belgische financieringswet vandaag fout. (1) We hebben nood aan meer fiscale autonomie. En (2) aan meer responsabilisering.

(1) MINDER ZAKGELDFEDERALISME, MEER FISCALE AUTONOMIE

 

Dit wetsontwerp is een correcte, technische omzetting van de huidige bijzondere financieringswet. We hebben de cijfers gecontroleerd en ze zijn correct. N-VA zal dit wetsontwerp dus steunen zodat de deelstaten hun centen krijgen.

Tegelijk moet toch opgemerkt worden dat de financieringswet aan herziening toe is. Zodat elke overheid verantwoordelijk wordt om zijn eigen potje te koken. En om zijn eigen belastingen te innen.

Op dat vlak doet België het niet goed. De deelstaten hebben een fiscale autonomie van slechts 33% (die is toegenomen tussen 2014 en 2018 van 19 tot 33%), en worden dus voor 67% gefinancierd met dotaties. Andere federale landen doen het beter. In Zweden zijn de dotaties maar 31%, Zwitserland 26%, Canada 19%. En in België dus 67% dotaties. Zakgeldfederalisme… (zie onderaan deze webpagina: foto-album)

Waarom moeten we dat zakgeldfederalisme vervangen door echte fiscale verantwoordelijkheid? Door de deelstaten meer belastingautonomie te geven, kunnen en moeten ze hun beleid beter afstemmen op lokale noden, voorkeuren en opportuniteiten. Meer belastingautonomie waarin de deelstaten zelf verantwoordelijk zijn voor de inning en de uitgave van de middelen, zet de betrokken politici ook aan tot meer verantwoordelijkheid, transparantie en zuinigheid. Want zij moeten dan rechtstreeks bij hun kiezers verantwoording afleggen.

(2) MINDER FACTUURFEDERALISME, MEER RESPONSABILISERING

 

Een nieuw fiscaal model moet ook zorgen voor meer responsabilisering. Deelstaten die goed beleid voeren, die goed presteren, moeten ook de vruchten van hun inspanningen zelf kunnen plukken. Deelstaten die slecht beleid voeren, moeten hiervan de gevolgen zelf dragen.

Wat zien we echter vandaag? Factuur-federalisme. Wallonië en vooral ook Brussel stapelen de tekorten en schulden op. En ze schuiven de rekening dan door. Ze vinden dat Vlaanderen dan maar de factuur moet betalen.

De Zesde staatshervorming was een draak. Wel heeft die een interessante wijziging gebracht in de financieringswet op één welbepaald punt. Ik wil u vragen om even te gaan kijken naar punt 5.3 in de memorie van toelichting van dit wetsontwerp (DOC 55 890/001, blz. 35). Daarin wordt niet enkel ingegaan op de periode van 2015 tot en met 2024, maar ook op de periode erna.

Tot en met 2024 blijven de bedragen nominaal constant maar na 2024 zullen deze bedragen afnemen en zelfs tot nul euro worden teruggebracht. Vooral voor Wallonië heeft dit belangrijke gevolgen. Voormalig Waals minister-president heeft het verlies voor zijn gewest begroot op 60 miljoen euro in 2025, oplopend tot 600 miljoen in 2034.

We krijgen binnenkort dus terug een discussie over de financiering van de deelstaten. Ik wil alle collega’s oproepen om ons op die discussie voor te bereiden. We moeten evolueren naar een nieuw financieringsmechanisme. Voor N-VA zijn daarbij drie zaken belangrijk:

  •  Het nieuwe systeem moet eenvoudiger en transparanter.

De huidige financieringswet is enorm complex. Laat ons kijken naar Canada en Zwitserland voor een meer helder model.

  • Er moet een doorgedreven responsabilisering komen

Deelstaten moeten bevoegd worden om hun eigen belastingen te innen. Fiscale autonomie dus, zoals ook gevraagd al in 2019 met de Vlaamse resoluties en later ook in de Vlaamse Octopusnota.

  • Een correcte en hartelijke solidariteit

Samen met deze fiscale autonomie, kiezen wij ook voor een correcte en hartelijke solidariteit. Met een regeling die objectieve, transparante, efficiënt en responsabiliserend werkt. Ook ons confederalisme voorziet in zo’n solidariteitsregeling met een permanent mechanisme.

 

Wij willen geen herhaling van het spektakel bij de 6de staatshervorming. Wat is toen gebeurd? Bij de 5de staatshervorming, met het Lambermontakkoord van oktober 2000, werd indertijd een responsabiliseringsmechanisme opgenomen. Er kwam een ‘Lambermont-turbo’ die vanaf 2010 zou beginnen werken. Hierdoor zou Vlaanderen beloond worden voor haar inspanningen en extra financiering ontvangen.

In 2010 kwam er echter de 6de staatshervorming, en werd de Lambermont-turbo terug afgevoerd, zonder dat het ooit van start is kunnen gaan. Daardoor heeft Vlaanderen nooit de middelen gekregen zer recht op had.

Vandaag bevindt de politieke situatie van dit land zich in een vergelijkbare situatie. De responsabiliseringsclausule die in de 6de staatshervorming is geslopen, en die zal starten vanaf 2024, mag niet worden teruggedraaid.

 

 

Foto-album

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is